29 mei : werk-rust-werk.

Maandag zijn we begonnen aan de uitbouw van de Terminuzzz. Voor diegenen die niet helemaal op de hoogte zijn : mijn busje is ingeschreven als lichte vracht en dus moet het elk jaar leeg worden aangeboden voor de technische controle (apk). Dat betekent elk jaar sjouwen met de hele inboedel. Gelukkig krijg ik daarbij heel veel hulp én kan ik gebruik maken van de garage van Anne en Luc om alles tijdelijk op te bergen, waarvoor mijn eeuwige dank.

Gelukkig waren de werken gisteren allemaal achter de rug want met de regen- en hagelbuien had het een stuk minder aangenaam geweest.

Deze middag ben ik dan naar het keuringscentrum in Zwijnaarde geweest. Een afspraak om 12u en om 11u50 al buiten, weinig reden tot klagen dus. Ze zijn daar ook altijd supervriendelijk, helemaal anders dan in Antwerpen. De auto werd op alle vlakken goedgekeurd en, in tegenstelling tot vorig jaar, keken ze niet eens in de laadruimte of die leeg was of niet. Al dat werk voor niks dus maar je kan daarmee geen risico nemen. Deze middag hebben we alles opnieuw geïnstalleerd, de kasten opnieuw volproppen zal voor morgen zijn. 

 


26 mei - een beetje vanalles.

Zo, mijn eerste weekend in België was al meteen een voltreffer en goed gevuld - ook al was niet alles even prettig. Na nog een flinke portie overschot Thaise kip van vrijdagavond vertrok ik gisteren naar Antwerpen. Na een beetje twijfelen besloot ik om nog eens op ex-camping Vogelzang te gaan staan. Een aantal jaren geleden ben ik daar met ruzie vertrokken maar dat weet intussen niemand meer. Daarna ging ik met de tram naar Mortsel om Nancy te zien. Zij had de oproepbrieven voor de verkiezingen van mij en onze pa liggen en die had ik nodig om vandaag onze stem uit te brengen, zoals altijd “voor de goeden”. Deze keer geen verplicht bezoekje aan café-restaurant De Vlegel maar rechtstreeks naar de Strijdhoflaan in Berchem waar Ketelrock werd georganiseerd. Elk initiatief dat muziek of een andere culturele activiteit naar een wijk brengt, juich ik toe en als de organisatie uitgaat van café-restaurant De Ketel dan is het logisch dat zo’n evenement Ketelrock wordt genoemd. En toch : Katastroof kan je misschien nog een beetje rock & roll vinden, maar Sam Gooris en Hans De Booij ? In ieder geval, ik heb er van genoten en meer moet dat niet zijn. De liedjes van Zjuul Krapuul, Jos Smos en Stef Bef kan ik intussen allemaal meebrullen maar hun bindteksten blijven hilarisch.

Deze ochtend was de eerste taak uiteraard naar het stembureau. Eerst stond ik aan het verkeerde adres maar gelukkig was het juiste adres niet ver uit de buurt. Stembureau 35 was het enige in de hele omgeving waar je moest aanschuiven maar daar was ik op voorbereid. Bij mijn favoriete Turkse bakker had ik twee koffiekoeken met pudding en chocolade gekocht. Slechte keuze bleek iets later. Ik wist niet meer dat de koeken zó groot waren en dat er zóveel pudding inzat. Na twee happen al zat er pudding in de mouw van mijn jas en hing mijn baard helemaal vol. Voordeel : niemand kwam in mijn buurt staan :-)

Na mijn democratische plicht vervuld te hebben reed ik naar Turnhout om iemand te bezoeken die ernstig ziek is. Nooit plezant zoiets maar wat doe je eraan ? Misschien was dit nog de laatste gelegenheid dat ik haar kon zien …

Volgende stop was park Harmonie in Antwerpen waar een brassband competitie op het programma stond.  Zeer uiteenlopende soorten brassbands qua stijl en mijn voorkeur ging al snel uit naar Heavy Hoempa. Een stelletje volgetatoeëerde stoere jongens die heavy metal staan te toeteren, daar kan toch niemand tegenop ? Toch wonnen ze de competitie niet. Hun zwarte t-shirts moesten het afleggen tegen echt zwart, uit Benin als ik me niet vergis. Swingen deed het in ieder geval allemaal.

En dan terug naar Lochristi waar het mooie weekend werd afgesloten met een uitgebreid Chinees buffet. Neenee, geen afhaal – allemaal vers gemaakt door nonkel Luc.  De rest van de avond werd doorgebracht voor de teevee om te zien dat de democratie ook minder leuke kantjes heeft.

 


24 mei - in België.

Deze ochtend rond 9u30 vertrokken en zonder problemen was ik om 14u in Lochristi. Ook al was het onderweg geen zomer, het was absoluut beter dan vorig jaar. Deze keer geen afgesloten wegen door overstromingen maar ik heb amper met mijn sandalen en in korte broek rondgelopen, veel te koud. 

Cijfers ? Op 25 dagen heb ik 2410 km met de auto gereden, 75 km gefietst en 334 km (!) gewandeld. Daarbij werden in totaal 386 caches gevonden – een nieuw maandrecord. In Lochristi heb ik meteen ook de dieseltank volgegooid en een simpel rekensommetje heeft me verteld dat ik gemiddeld 7,7 liters per 100 km verbruikt heb.  Wie doet beter ?

 


23 mei - naar de andere kant.

Vandaag tijd voor het stadje aan de overkant van de havengeul : Mers-les-Bains. Een wandeling brengt me langs de klippen, de kleurrijke huizen en de rivier Blesle. Het is hier duidelijk minder druk dan in Le Tréport. Er worden nog enkele caches gevonden en dat zullen dan de laatste zijn tijdens deze vakantie.

Mers-les-Bains is een charmante badplaats met veel woningen in belle époque en art nouveau stijl. De stad is al eeuwenlang bewoond en in de tweede helft van de negentiende eeuw komen veel families uit Parijs hier van hun vakantie genieten. Het is voornamelijk voor zijn kustwijk dat er nog altijd zoveel bezoekers komen. Het is een beschermd gebied voor de waterkant, de aangrenzende straten en het stadscentrum. Het standbeeld van Notre-Dame-de-la-Falaise, op het hoogste punt van de klif, is meer dan 90 meter hoog en werd aan het eind van de 19e eeuw gelegd. Georiënteerd naar de zee, het is de bedoeling om zeevarenden en vissers te beschermen.

 


22 mei - Le Tréport.

Vandaag de laatste bestemming van deze vakantie, 60 km naar Le Tréport. Daar aangekomen heb ik mij op de parking bij de funiculaire gezet. Die gratis lift bespaart je enkele honderden trappen naar het dorp en terug. De parking beneden aan het water was helemaal ingenomen door kermismensen en -vrachtwagens want het was foor in het havenstadje. Een foor die vooral vandaag veel volk trok want bij alle attracties kreeg je bij één ticket kopen meteen een tweede gratis.

Aan de overkant van de kermis is het ook gezellig : allemaal restaurants en winkeltjes. Iets eten dan maar ? Alles draait hier natuurlijk rond zeevruchten in alle soorten en formaten. Ik lust dat wel maar vind dat te veel gepruts. Comptoirs de l’océan had een “menu normande” en lokte me daarmee naar binnen. De hele inrichting is 200 % kitscherig roze met glitteraccenten : de kussentjes, de spiegels, de lampjes – het toiletpapier heb ik niet gecontroleerd.

En toen begon het. Ik kreeg een heleboel kaarten en menu’s aangereikt maar het menu dat ze buiten voor 15,95 aanbieden was er niet bij. Dat kwam pas na expliciete vraag en tegen hun goesting. Perrier bestellen leek ze niet gelukkiger te maken. Eigenlijk had ik toen al moeten vertrekken …

Bij het menu kon je kiezen tussen voorgerecht, hoofdgerecht en koffie of hoofdgerecht, dessert en koffie – ik koos voor het eerste. Het duurde een hele tijd voor het voorgerecht kwam maar het was wel lekker (en vooral klein). Het hoofdgerecht duurde ook vrij lang maar toen kwam de “fricassée de volaille”. Ik denk altijd dat je met kip nooit verkeerd kan kiezen maar dit beest was duidelijk van ouderdom gestorven en de saus (met appel) was weinig smaakvol en waterig.

Later : “café monsieur ?” Ja natuurlijk want dat hoort bij de menu, maar eerst een ijsje. “Dat moet dan wel extra betaald worden !” Dat begrijp ik ook wel en iets later krijg ik met een geforceerde glimlach drie piepkleine bolletjes rum-rozijn, mokka en chocolade geserveerd (zelf gekozen samenstelling). En dan de koffie graag, met melk. Ik hoor de diensters iets opmerken over het feit dat ik ook nog melk bij mijn koffie wil voor die prijs ! Daarvoor waren ze al helemaal niet blij toen een Engelse familie die een gigantische toren met fruits de mer hadden gegeten, achteraf geen dessert of koffie wilden bestellen.

En dan de rekening, ja hoor : ook de koffie extra aangerekend want een “café crème” (4 euro aub). Ik heb dan ook nog mijn gewone koffie gevraagd en niet uitgedronken.  Ik voelde mij zwaar bekocht maar heb verder geen ruzie gemaakt.  De mensen die buiten het menu bestudeerden heb ik vriendelijk aangeraden elders te gaan eten. Dus, als je in de buurt bent : je weet waar je niet moet zijn !

Le Tréport werd pas een voornaam vakantieoord in de 19de eeuw, wanneer het baden in zee populair werd. Eerst was er Eu, de bloemen- en winkelstad, met een architecturaal erfgoed dankzij koning Louis Philippe die er twee maal Koningin Victoria ontving. Later komt dan Le Tréport met zijn vele kleurrijke villa's en zijn levendige vissershaven.


21 mei - Yport en Fécamp.

Gisteren een rustige dag, dat mag ook wel eens. ‘s Ochtend weer fris en nevelig maar in de loop van de dag probeerde de zon toch af en toe door de wolken te priemen. Ik vertrok voor een wandeling van drie uurtjes waarbij acht caches gevonden werden. Daarna ben ik het overdekte zwembad ingedoken en tegen etenstijd ben ik naar het dorp gewandeld. Veel stelt Yport niet voor maar er is wel een casino. Er zijn ook enkele restaurants maar ik besloot toch maar terug te keren naar de camping en daar een pizza normande te bestellen – met aardappelen, ajuin, camembert, kip, mosterd en weet ik wat nog allemaal.

Vandaag reed ik eerst naar Fécamp en zette me daar op de gratis parking. Vergeleken met Yport is het hier heel druk. Fécamp heeft een echte winkelstraat, veel restaurants en een vrij uitgebreide haven. Hier kan je gemakkelijk enkele uurtjes rondhangen en dat deed ik dan ook. Daarna reed ik verder naar Veules les Roses, op camping Les Mouettes ben ik lang geleden met Nancy ook nog geweest. Veules zelf is maar een bescheiden dorp en heeft de kortste rivier van Frankrijk : 1150 meter lang. De wandeling die de loop van dit riviertje volgt is dan ook populair bij de toeristen, onderweg kom je verschillende watermolens tegen.

Een speciale vermelding voor de zweverige new age muziek in het sanitair op de camping, als je even niet oplet val je in slaap op het toilet.

Tot aan 1204 was Fécamp de residentie van de Hertogen van Normandië. Vandaag de dag is het een stad vol kunst en historie. De haven heeft zich in de loop der eeuwen ontwikkeld tot de belangrijkste kabeljauwhaven van Frankrijk. De vissers van Fécamp vingen hun kabeljauw in de wateren van Newfoundland. Er is een mooi museum aan gewijd.

Veules Les Roses werd in de negentiende eeuw ontdekt door de elite van Parijs. Veel bekende Fransen, waaronder Victor Hugo, zochten hier in de zomer verkoeling en de zuivere lucht van de zee. In tegenstelling tot de grote kustplaatsen is dit Normandische dorp altijd klein gebleven en hoewel er in de negentiende eeuw fraaie huizen zijn gebouwd, zijn hier nooit de grote hotels verschenen en dat geeft het een uniek karakter.


19 mei - naar de Normandische kust : 130 km gereden.

Het heeft de hele nacht geregend en ook onderweg is het blijven regenen. Ik ben eerst naar een van de parkings in Etretat gereden en heb daar de auto neergezet. Iets later vertrok ik voor een wandeling langs de klippen naar de vuurtoren. Het bleef bijna de hele tijd motregenen en je kon het verschil tussen de grijze lucht en de nog grijzere zee amper zien. Toch kan je hier prachtig wandelen en je mag de hoogteverschillen zeker niet onderschatten. Sommige paden lijken wel verticaal omhoog te gaan. Echt veel caches heb ik niet kunnen loggen maar je kan niet alles hebben.

Rond 16u reed ik camping La Chenaie op in Yport. Ik heb al meer op campings gestaan dan ik gepland had maar dat komt vooral door het koude weer. Vandaag moest ik ook absoluut internet hebben want RAFC (en de rest van play-off 1) speelde zijn laatste wedstrijd en die wou ik toch graag volgen. Kijken ging niet, daarvoor is de internetverbinding niet snel genoeg maar naar de radio luisteren ging wel. En zo kon ik live meemaken dat we onze derde plaats kwijt zijn aan Standard. Gemengde gevoelens dus : heel knap dat we op de vierde plaats zijn geëindigd maar tegelijk ook een beetje ontgoocheld omdat er regelmatig meer heeft ingezeten.

Terwijl het voetbal bezig was kon ik beginnen aan een saaie en tijdrovende klus : alle caches van de voorbije internetloze week op geocaching.com loggen ! Het totale aantal tijdens deze reis zal nog oplopen maar niet meer in die mate dan de afgelopen dagen.

Van al dat wandelen en voetballen krijgt een mens honger en dus heb ik mezelf getrakteerd op een menu in het campingrestaurant. Viel best mee. Speciaal voor onze pa zijn 88e verjaardag vandaag kreeg ik zelfs een speciaal suikertje bij mijn koffie biggrin.

De haven van Etretat, ingebed tussen hoge witte kalkrotsen, was tot in de 19e eeuw moeilijk toegankelijk. De stad leefde van de visvangst en scheepsbouw. Het heel bijzondere landschap inspireerde later heel wat kunstenaars. Claude Monet verbleef hier de hele winter van 1868.


18 mei - Bec.

Het was voorspeld : de wind zou geleidelijk afnemen en ze hebben gelijk gekregen. Helaas is samen met de wind ook de zon vertrokken en vanaf 13-14u werd lichte regen verwacht. Ik ben dus vroeg genoeg vertrokken voor de zoveelste wandeling om nog optimaal te profiteren van de droge momenten. Eerst langs het bos – door de ochtendnevel – bergafwaarts naar het dorp. Absoluut een gezellig dorpje met Bokrijk allures en veel vakwerkhuizen. Ik heb eerst twee caches gezocht aan de kerk en de wasplaats en ben dan naar de abdij gegaan. Op een half uurtje ben je echt wel helemaal rond en toen volgde een stukje van een “voie verte” om nog een paar caches te zoeken.

Oorspronkelijk was het de bedoeling om die weg voor een langer stuk met de fiets af te leggen maar door de voorspelde regen én de helling terug naar de camping heb ik maar besloten een stukje van de route te wandelen. Het begon niet goed : de eerste drie caches werden niet gevonden en ik was al van plan om er mee te stoppen. Nummer vier en de volgende verstopplaatsen werden wel ontdekt en omdat je na een tijdje weet waarop je moet letten, werden bij de terugtocht ook de eerste (en nu dus laatste) drie ook gevonden. Het was intussen 14u geworden en de eerste fijne druppeltjes vielen. Iets eten dan maar ? L’archange serveert zoete en zoute pannenkoeken en is doorlopend open van 11u tot 19u – joepie !

Het rijhuisje zelf is waarschijnlijk een van de minst mooie van het dorp maar binnen is het pas echt lelijk. Bovendien klinkt er “hippe” lounge muziek door de luidsprekers, muziek waar ik niet langer dan vijf minuten naar kan luisteren. Tenzij er iets lekker op tafel komt … en mijn galette super complête met hesp, kaas, ei en een slaatje is een voltreffer. De aangekondigde regen is er uiteindelijk pas ‘s avonds (en het was de moeite) gekomen maar de hele dag bleef het grijs en ronduit koud, 11 graden is toch echt geen temperatuur voor einde mei !

Intussen zijn de deelnemers van de bijeenkomst aangekomen, het blijken bijna allemaal Polen te zijn. Geen sukkerlaars, want ze rijden bijna allemaal met dure integralen van ver boven de 100000 euro.

De Abdij van Bec werd rond 1034 door een zekere ridder Hellouin gesticht. Al snel was dit een belangrijk centrum voor het christendom, dit onder de impuls van twee mannen : de bouwheer, Lanfranc de Pavie en de filosoof Anselme d’Aoste. Zij werden al snel bekend tot ver buiten de grenzen van Normandië. Ze waren niet alleen priesters maar ook aartsbisschoppen van Canterbury. Midden de Honderdjarige Oorlog (1418) veroverden de Engelsen de abdij en werden de gebouwen veranderd in een kazerne voor de cavalerie. Het is pas in 1948 dat de monniken Bec terugvonden, het jaar daarop gevolgd door slotzusters die er van hun kant eveneens een klooster bouwden. De abdij is nu nog steeds bewoond door benedictijner monniken van wie de artisanale keramische creaties aan de basis liggen van de hedendaagse faam van Bec-Hellouin. Op 2 km van de abdij leven 26 slotzusters in de gebouwen die in 1950 werden opgericht.


17 mei - een echte verplaatsing : 380 km gereden.

Het zat weer niet mee vandaag. Ik was sinds gisteren al aan het twijfelen over het verdere verloop van de reis, vooral de weersvoorspelling voor de volgende dagen gooide roet in het eten. Er werd regen voorspeld en dan wil je niet in een bos gaan wandelen. In een stad(je) valt dat beter mee vanwege meer mogelijkheden om te schuilen. En dus reed ik eerst naar Chateaudun maar daar stonden overal verbodsborden om te parkeren en hadden de takeldiensten hun handen vol met wegslepen. Hier ging dus iets gebeuren, geen idee wat maar het zal wel plezant worden.

Naar Bonneval dan : zelfde scenario, straten afgesloten en overal verboden te parkeren en stationeren. Bonneval ziet er wel een heel mooi stadje uit, hier moet ik beslist nog een keertje passeren. Zou ik dan toch naar Chartres rijden ? Nee, dat hou ik voor het najaar (van welk jaar weet ik nog niet). Iets verder rij ik per ongeluk het centrum van Dreux binnen en ik geraak er amper nog uit want … hier is iets te doen dit weekend en veel straten zijn uit voorzorg al afgesloten. En ikke weer blij met mijn bescheiden vervoermiddel, geraak hier maar eens verzeild met een camper van acht meter + aanhangwagen !

Even tanken, goedkoper dan 1,46 per liter vind ik niet, en langs de bakker. Hét lichtpunt van de dag : de beste croissants van dit jaar ! Met een volle buik ben ik dan begonnen aan het laatste stuk voor vandaag, nog eens 100 km verder naar Le Bec Hellouin. Daar zou er op het hele terrein internet zijn en kan ik alles nog eens bijwerken en/of doorsturen. Je raadt het al : noppes. Er is internet maar te zwak signaal om iets mee aan te vangen.

De plaatsen dicht bij de receptie hebben wel ontvangst maar die zijn allemaal gereserveerd voor een bijeenkomst. Ik wil op mijn telefoon wel eens kijken maar zelfs 4G is niet tot hier doorgedrongen. Toch blijf ik hier twee nachten staan. Na het avondeten ben ik nog even het bos ingetrokken om een cache te zoeken, een cache die er al ligt sinds 2005. Per ongeluk zal je hem in ieder geval niet tegenkomen maar als je in de buurt bent zie je hem wel onmiddellijk liggen.


16 mei - Ménigoute en een stukje verder naar het noorden.

Deze ochtend opnieuw een korte verplaatsing, deze keer naar Ménigoute voor de laatste caches in deze omgeving. Nu ja, laatste … er blijven er nog enkele duizenden liggen om ontdekt te worden. Ik heb nog altijd niet geteld hoeveel ik er in totaal gelogd heb maar echt veel plezier heb ik er niet aan beleefd : te eentonig en veeeeeeeeeeeel te veel onkruid. Zo’n reeksen zijn alleen interessant om je teller de hoogte in te jagen maar aanraden zal ik ze zeker niet doen.

Alle dorpen zien er zo een beetje hetzelfde uit (bakker, kapper en voor de rest leegstand) en het lijkt het alsof de tijd er stil is blijven staan. Toch onderscheiden ze zich van elkaar. Zo heeft La Mothe een mooie orangerie en is de wandeling rond het meer van Bois Pouvreau in Ménigoute absoluut mooier dan de rest. Openbare wasplaatsen hebben ze allemaal maar iedereen zal een wasmachine hebben want ze worden nergens nog gebruikt – tenzij om een cache te verstoppen.

De volgende stop om te overnachten zou Sanxay zijn maar omdat de gallo-romeinse site die ik onderweg wou bezoeken tussen de middag gesloten was, stond ik ook te vroeg voor de poort van de – geheel lege – stadscamping. Dan maar verder naar het Lac de Saint Cyr om daar (tegen betaling uiteraard) een gigantisch grote plaats te krijgen op de camping vlak bij het meer.

Voor een echt vakantiegevoel moet er water zijn. Dat mag een oceaan, een meer of een kabbelend beekje zijn – water ! ‘s Avonds eindelijk nog eens in de douche en onder het warme water kwam het brandnetelgevoel weer helemaal terug. Wat een mooie hobby is dat geocachen :-)

En voor ik het zou vergeten : ik heb tijdens mijn wandelingen en fietstochten een ree gezien, ook een vos (voor de eerste keer in mijn leven denk ik) en twee hazen . Ik wist niet dat die zo groot konden worden en zooooo hoog en ver konden springen – helaas allemaal sneller dan ik mijn fototoestel kon pakken. En natuurlijk heb ik ook regelmatig een praatje gemaakt met koeien, schapen en paarden. Die poseren tenminste rustig voor de foto.


15 mei - Pamproux en Bougon.

Zeven (!) kilometer verder met de auto en hem neergezet op de camperplaats van Pamproux. De fiets uit de koffer genomen en behalve mijn wandelschoenen nu ook (werk)handschoenen meegenomen . Dat helpt wel een beetje maar de scherpste doornstruiken prikken overal doorheen. Echt handig zou het niet zijn maar een harnas of maliënkolder zouden hier wel van pas komen. Ik kon weer een heel aantal caches loggen en de rooie raket werd weer vele kilometers gebruikt waarvoor hij niet gemaakt is. Ik rij ermee alsof het een mountain bike is, maar dat is hij natuurlijk niet ! Door het zand, het hoge gras, over rotspaden – voorlopig overleeft hij alles, net als ik.

Rond een uur of twee had ik er genoeg van en besloot naar Bougon te rijden, in de hele omgeving kom je bordjes tegen die je de weg wijzen naar de tumulus van Bougon. Ofwel is de site dan echt belangrijk of ze hebben je te grazen door je veel inkomgeld te laten betalen en weinig in de plaats te geven. En wat bleek : absoluut de moeite ! Voor zes euro kan je het museum en de grafheuvels bezoeken. Het museum vertelt de evolutie van de mens doorheen de geschiedenis en je krijgt zelfs Nederlandstalige uitleg via een audiogids : bravo ! Er liep momenteel ook een tijdelijke tentoonstelling over mammoets, altijd meegenomen. En het onvermijdelijke gebeurde : een jongetje van een jaar of 5-6 vroeg aan mij of ik uit de prehistorie kwam, mooi toch die eerlijkheid van kinderen én de excuses van de mama achteraf.

Na het museumbezoek (trek hier gerust een uur of drie voor uit) besloot ik meteen op de parking van het museum te blijven staan om te overnachten, helemaal in mijn eentje. En toch kon ik het weer niet laten en vertrok nog voor een vruchtbare avondwandeling waarbij nog een aantal extra caches konden gelogd worden.


14 mei - La Mothe.

Weer een gigantische verplaatsing van 12 km naar La Mothe St. Heray. Ook dit is Sherpahebbes-land en in welke richting je ook stapt of rijdt, er is altijd wel ergens een cache verstopt. Gisteren in de stad Saint Maixent dacht ik soms wel eens “weer eentje in een verkeersbord”, vandaag hoopte ik regelmatig op een verkeersbord want dat betekende dat ik in ieder geval niet altijd in het manshoog onkruid moest gaan zoeken.

Ik had vandaag voor alle zekerheid mijn schoenen aangedaan maar zelfs dat helpt niet altijd. Heel veel caches zijn van het soort “achter de boom”, maar om bij die boom te geraken …

Iets buiten het centrum van het dorp stootte ik op een groot leegstaand gebouw, de oude “laiterie”. Langs een aantal kanten kon je het gebouw binnendringen en dan kan ik zoiets ook niet laten. Ik was nog maar net aan mijn ontdekkingstocht begonnen en de politie stond er al. Dat kon alleen maar toeval zijn want zo snel kan niemand alarm geslagen hebben. Echt moeilijk deden ze niet, het was voor mijn eigen veiligheid … Eerst dacht ik nog opnieuw binnen te gaan als ze verdwenen waren maar ze bleven staan tot ik zelf uit het zicht verdween.

Het werd nog een inspannende fietstocht en soms werd de “rooie raket” eerder een rood looprekje, gewoon omdat ik de fiets gebruikte om bij hevige wind naast de fiets rechtop te blijven. Mooi was het allemaal wel maar tegen de avond waren al mijn ledematen 50% gevoelloos door de brandnetels. Toen ik terug bij de camperplaats (inclusief toiletten en afwasbakken) kwam, heb ik de auto verzet naar de parking bij de toeristische dienst : veel rustiger en mooi aan het water gelegen.

 


13 mei - dag 2.

Vanmorgen al vroeg op stap en verdomme, wat was het koud – ik had best een paar handschoenen en een muts kunnen verdragen. Toch koos ik voor een wandeling met sandalen om mijn teentjes een beetje vrijheid te gunnen na al die dagen opgesloten te zitten in schoenen. Knalblauwe lucht voor de tweede dag op rij maar door de ijskoude wind is het echt niet aangenaam. Allemaal niet erg, goed doorstappen en je krijgt het vanzelf warm.

Zeven uur en 17 kilometers later was ik terug aan de auto en na een siesta van twee uurtjes begon ik aan de volgende – kortere – wandeling. Een tochtje van acht kilometer met nog een aantal caches bracht het totaal voor vandaag op 55 gevonden caches. Dat hadden er nog veel meer kunnen zijn als ik toch maar voor schoenen had gekozen. Zonder bescherming tussen de doornstruiken en allerlei soorten brandnetels gaan zoeken is niet echt aangenaam en dat doe ik dus niet.

En nog iets over de caches : bijna al de caches hier in de zeer ruime omgeving zijn gelegd door dezelfde persoon. Hij of zij luistert naar de naam Sherpahebbes en heeft meer dan 6500 caches verstopt ! ! ! Die kan je uiteraard moeilijk allemaal onderhouden en dat merk je ook, veel caches zijn verdwenen of in slechte staat.

De volgende dagen ben ik waarschijnlijk niet in staat om ergens een internetverbinding te vinden, het kan dus weer een tijdje duren voor er hier nog iets verschijnt.


12 mei - niet zoals gepland, 80 km gereden.

Vroeger, toen bijna al mijn geld werd uitgegeven aan vinylplaten (van die zwarte dingen met een gaatje in het midden – 33 of 45 toeren per minuut), kocht ik regelmatig wel eens een plaat enkel en alleen voor de mooie hoes. Er waren toen echte kunstwerkjes bij, met een beetje geluk klapte die hoes langs alle kanten open én kreeg je er nog een poster bij. Het beste voorbeeld dat ik me nu onmiddellijk herinner was Brain Salad Surgery van Emerson, Lake and Palmer. Dat ging allemaal verloren met de komst van de cd.

Waarom vertel ik dat ? Gewoon als inleiding op mijn verhaaltje van vandaag. Platen kopen doe ik al lang niet meer maar soms wil ik wel eens omrijden naar een dorpje omdat het een mooie naam heeft. Zo kwam ik een tijdje geleden op de kaart de naam Chef-Boutonne tegen. Kan je daar overnachten ? Ja. Liggen daar caches ? Ja. En zo reed ik deze ochtend 30 km verder naar Chef-Boutonne, zette de auto een half uur later op de wel erg mooie gratis camperplaats en begon aan mijn wandeling/zoektocht. Door het dorpje, langs velden, oude wasplaatsen – het was weer eens wat anders dan de zee.

Rond 14u had ik alles bekeken en daar dan nog de hele middag zitten niksen vond ik tijdverspilling. Langs Melle (geen Koekoekstraat gezien) dan naar de gemeentecamping aan het Lac du Lambon. De poort stond open maar er was niemand aan de receptie. Ik belde naar het nummer vermeld op de deur maar daar kreeg ik een antwoordapparaat aan de lijn. Ik heb mij dan maar geïnstalleerd en een wandeling rond het meer gemaakt. Een dik uur later had er nog altijd niemand gereageerd en de receptie bleef gesloten. Niet alleen de receptie, ook het sanitair gebouw. Ik wou vandaag absoluut op een camping staan omdat ik de volgende dagen vrij zal staan en dan wil ik toch een beetje proper zijn (lees : in de douche geweest). Even in de Garmin gekeken naar de uitwijkmogelijkheden en uiteindelijk naar Saint-Maixent l’École gereden. Dat bleek al snel een goede keuze en hier blijf ik meteen twee nachten staan. Waarom ? Slechts 8 euro per nacht, goed sanitair (voor de eerste keer verwarmd !), prima internet en honderden caches in de buurt. Morgen dus weer op stap !